Vorige week sprak Verhofstadt zich uit tégen de praktijktesten die discriminatie moeten aantonen voor de rechter, maar wou hij in ruil de bewijslast bij de discriminerende partij leggen. Ondertussen is de verwarring groot, zijn er voor- en tegenstanders en verschillende voorstellen.
België heeft immers wel een Antidiscriminatiewet sinds 2003, maar voor het gebruik van de ondertussen beruchte praktijktesten waren er nog geen uitvoeringsbesluiten klaar. Met zo’n test zou je bijvoorbeeld kunnen aantonen dat je geen toegang krijgt tot een discotheek, geen job krijgt of geen huis mag huren. Hoe dat in zijn werk moet gaan om rechtsgeldig te zijn, was nog niet duidelijk. Er was sprake van gerechtsdeurwaarders die de vaststelling deden, maar er is ook al geopperd dat opgeleide vrijwillligers die functie zouden kunnen vervullen.
Verhofstadt zet die praktijktesten dus op de helling. Tussen de regels kan je lezen dat de VLD bang is dat nepsollicitanten zouden kunnen aantonen dat bedrijven racistisch te werk gaan bij aanwervingen. Voor de allochtone gemeenschap zijn de praktijktesten daarom van symbolisch belang, maar ook holebi’s worden soms diensten of jobs geweigerd omwille van hun seksuele geaardheid.
De Holebifederatie nam daarom deze week deel aan een actie om duidelijkheid te vragen over de uitvoering van de Antidiscriminatiewet. Ook Kif Kif, het Vrouwen Overleg Komitee, het Minderhedenforum en Gelijke Rechten voor Iedere Persoon met een Handicap gingen mee naar de partijhoofdkwartieren. De partijvoorzitters beraden zich over een standpunt. Hopelijk leidt dat tot een eenvormige wet die discriminaties gemakkelijk tot bij de rechter brengt. Meer vragen wij niet. Wordt vervolgd.
Sleutelwoorden:
antidiscriminatiewet bewijslast discriminatie praktijktesten